­ KNHS Trainersseminar Eventing: Leren van topcoach Chris Bartle - KNHS

KNHS Trainersseminar Eventing: Leren van topcoach Chris Bartle

De bezoekers van het KNHS Trainersseminar Eventing hingen aan de lippen van de Brit Chris Bartle. Hij reed zelf op de Olympische Spelen in dressuur én eventing en is nu een van de beste coaches ter wereld. Zo trainde hij van 2001 tot 2016 het Duitse team. Nu werkt hij onder meer voor Team GBR.

Gert Naber, Teammanager Opleidingen van de KNHS, opende de dag en verwelkomde de aanwezigen. Hoewel het verhaal van Bartle in het Engels goed te volgen was, zorgde Gert ervoor dat het aanwezige publiek niets miste door regelmatig delen samen te vatten en naar het Nederlands te vertalen. Doordat Naber een man van de praktijk is, kon hij moeiteloos ingaan op Bartle's verhaal en waar nodig dit aanvullen of doorvragen. Hierdoor ontstond een goede interactie met de aanwezigen waardoor de eventingfans konden genieten van een inhoudelijk sterk programma dat goed aansloot op de praktijk. 

Vijf groepjes van twee combinaties begeleidde Chris tijdens deze dag, waarbij de focus lag op het onderdeel cross. Dat gaf hem voldoende tijd om zijn visie goed naar voren te brengen. Daarbij werd snel duidelijk dat van jong paard tot ervaren (4*) paard het werk is in feite hetzelfde is. ‘De ruiter zorgt voor ritme, balans, lijn, het paard is verantwoordelijk voor de sprong’, aldus Chris. Hij legde veel nadruk op de houding van de ruiters.

‘De ruiter moet naar voren kijken. Als instructeur richt ik mijn blik op de ogen van de ruiter: in welke richting kijkt de ruiter, naar de grond of voldoende vooruit? De ruiter zoekt de goede lijn naar de hindernis en kijkt vervolgens over de hindernis ‘wat komt daarna’. Het paard kijkt wel naar de hindernis. Geef het paard ook de kans om te kijken, zodat het de hindernis goed en tijdig kan inschatten. Daarbij mag het paard het hoofd best omhoog doen.’

‘Tegenwoordig rijden wij (Engelsen) steeds meer op dressuur- en springgefokte paarden. Die zijn makkelijk in de aanleuning, maar worden ook makkelijker te kort in de hals’, legt Chris uit. Als de hals te kort wordt, of het paard te diep loopt, is de afstand tussen mond en schouder (te) kort. Waardoor de schouder van het paard te dicht bij de hindernis komt, met het risico op een voorbeen dat niet (tijdig) weg kan komen. ‘We willen controle, maar niet met een korte hals.’

Chris Bartle

Een ander opvallend aspect waar Chris veel belang aan hecht is de zit. Hij ziet graag - in het terreinrijden - een lichte zit, ook richting de hindernis. Hij noemt dat de “number 2 position”. De ruiter zit iets verlicht, maar houdt het zitvlak dicht bij het zadel. Daarbij is de punt van de teen altijd voor de knie van de ruiter! Ook richting de hindernis blijft de ruiter zo licht zitten. ‘Als je voor een hindernis gaat zitten, push je het paard vooruit.’ De balans van de ruiter is heel belangrijk, zo legt Chris uit. De ruiter moet steeds boven de “point of balance” van het paard zijn. ‘Gooi op de sprong niet je bovenlichaam naar voren. Dat is 65 of 70 kilo waarmee je de balans van het paard verstoort.’ In de landing moet de ruiter ook goed terug blijven in het bovenlichaam: de “landing seat”. Chris demonstreert dat door van een hindernis (gebruik thuis de trap) naar beneden te springen en in balans, rechtop, op beide voeten te landen. ‘De landing is de eerste pas richting de volgende hindernis.’

Met de jonge paarden van Janneke Boonzaaijer en Myrle Schoones werkt Chris veel uit draf. ‘Dan heb je meer controle over tempo, balans en richting en maak je het makkelijker voor een jong paard.’ Maar ook oudere paarden laat Chris uit draf springen. Bijvoorbeeld de eerste keer een smalletje in de training, bij de meer ervaren paarden van Wieneke Hadderingh, Pauline Oudijk, Mylène Spaak, Olivia Pleijsier en Lucy Groenen, Sanne de Jong en Levi Driessen. En als - in de laatste groep - de ervaren Cocu van Nina de Haas overenthousiast wordt, laat Chris ook haar uit draf springen. ‘Vertrouw erop dat je paard alles uit draf kan springen. Zelfs Badminton. Ik zou met hem veel vanuit draf oefenen, zodat hij meer ontspant en leert luisteren naar je zit, houding en been. Op een grote wedstrijd heb je dan het vertrouwen om hem losser te laten. Het is een kwestie van oefenen, oefenen.’

Janneke Boonzaaijer

 

Sanne de Jong

En dat begint bij het baby-paard. ‘We leren het jonge paard naar de hindernis te rennen. Vanaf het begin moet het paard leren dat hij rustig naar een hindernis gaat. Ritme, in balans, aan de hulpen. Bij een ouder, heet paard probeer je het niet te snel naar de hindernis te laten kijken, zodat de focus nog niet op de hindernis is. Ga niet vechten, want dat let het paard niet meer op je lichaamstaal.’

Het verhaal is kort, het werk is lang, zo zei Chris. En dat bleek wel, de deelnemende combinaties werden behoorlijk buiten hun comfortzone gebracht. Maar op een sympathieke manier hielp de Brit iedereen vooruit. ‘Ik heb geleerd door jarenlang hard werken en veel fouten maken. Never stop trying to get better.’

Tips om thuis mee aan de slag te gaan
Het hele KNHS Trainersseminar Eventing barstte van de tips en goede adviezen van Chris Bartle. We hebben er een aantal voor je op een rij gezet om thuis mee aan de slag te gaan! Klik hier voor de tips voor thuis

Meer foto's
Een uitgebreid fotoverslag vind je op de KNHS Facebookpagina.

Foto's: Digishots

 

Ander Nieuws

  • Finale KNHS Topsport Jeugdcompetitie 2020 tijdens NK springruiters
    Finale KNHS Topsport Jeugdcompetitie 2020 tijdens NK springruiters
  • Nieuwe dressuurprotocollen per 1 augustus 2020
    Nieuwe dressuurprotocollen per 1 augustus 2020
  • Bondscoaches positief over prestaties dressuurjeugd richting EK
    Bondscoaches positief over prestaties dressuurjeugd richting EK