Leren paardrijden: De slangenvolte

Geplaatst op 08 juli 2019

Het is weer tijd voor je wekelijkse dressuurupdate. Vandaag lees je meer over de slangenvolte. Je kunt slangenvoltes met weinig of veel bogen rijden. Hoe meer bogen, hoe groter de uitdaging voor jou en je paard. Hieronder lees je hoe je de perfecte slangenvolte kunt leren rijden.

De slangenvolte bestaat uit een aantal bogen, waartussen je recht oversteekt van de ene naar de andere kant van de rijbaan. Het zijn eigenlijk halve voltes die verbonden zijn door rechte lijnen. Er zijn slangenvoltes met drie, vier of vijf bogen. Het is belangrijk dat je de bogen zo verdeelt over de rijbaan, dat je ze allemaal even groot rijdt. Iedere boog bereid je voor en rijd je zoals je een volte zou rijden. Je paard moet dus iets naar binnen kijken. Na de boog rijd je rechtuit, recht naar de overkant en bereid de volgende boog op tijd voor op dezelfde manier. Als je de slangenvolte in draf rijdt en daarbij lichtrijdt, wissel je van been als je over de A-C lijn gaat. Let erop dat je je paard netjes stelt en buigt volgens de lijn die je rijdt. Maak hem recht op de rechte stukken en vraag op tijd weer stelling en buiging voor de volgende boog.

Bij het van de ene wending naar de andere overgaan (bijvoorbeeld bij het rijden van een grote acht, door een S van hand veranderen of slangenvoltes) moet het paard voor het overgaan op de nieuwe hand minimaal een paardlengte rechtuit worden gesteld, voordat het de nieuwe buiging op de andere hand ingaat. Je zult zien dat zodra de totale nageeflijkheid toeneemt, de overgang vloeiender en soepeler gaat. Voor jou als ruiter is dit het moment voor omstellen. Je moet daarbij je gewicht iets naar de nieuwe binnenkant verplaatsen, je beenligging veranderen en nieuwe stelling en buiging inzetten. Vaak van lengtebuiging wisselen is erg leerzaam voor ruiter en paard. Het is belangrijk dat het omstellen vloeiend, soepel en zo onzichtbaar mogelijk gebeurt.

 

Slangenvolte met drie bogen

Tip:

Zorg ervoor bij het rijden van wendingen, vooral in voltes, dat je de binnenteugel niet te veel gebruikt. Zorg voor een elastische aanleuning aan de buitenteugel, omdat het paard anders gemakkelijk achter de loodlijn komt of onregelmatig loopt. Het paard moet direct gehoorzamen op de eerste teugelaanwijzing.

Heb je hulp nodig bij het rijden van een slangenvolte? Vraag dan je instructeur om je te helpen.

Eerder verschenen in deze reeks Leren Paardrijden:
Op- en afstijgen
Beugels op maat maken
De Zit
De stap
De draf
De galop   
De Hulpen
Gewichtshulp
Beenhulpen
Teugelhulpen
Regels in de rijbaan
Het correct rijden van wendingen
Sturen
Buiging en stelling
Halsstrekken   
Ontspanningsoefeningen
Activiteit en impuls
Tempowisselingen       
Overgangen rijden       
De Middendraf
Doorzitten
Voltes rijden
Halthouden en groeten
Aanleuning en nageeflijkheid
Wijken voor het been  
Hoofd- Halshouding     
Rechtrichten
Het evenwicht van het paard
Achterwaarts
Schoudervoor
De verzameling
Gymnastiseren en Trainingsresultaat

Meer weten?
In het boek 'Leer Paardrijden met Plezier', dat onderdeel is van de KNHS Ruiteropleiding Brons, vertellen we je alles over leren paardrijden. De KNHS Ruiteropleiding bestaat uit drie fasen (brons, zilver en goud) en leidt op van eerste paardrijles tot en met het hoogst haalbare niveau. De ruiteropleiding wordt aangeboden op FNRS-maneges. De dichtstbijzijnde manege bij jou in de buurt vind je hier. Heb je een eigen paard vraag dan je instructeur om je te helpen de theorie om te zetten in de praktijk. 

Meer informatie KNHS Ruiteropleiding.

Overname tekst- en beeldmateriaal niet toegestaan

Categorie: Leren paardrijden

Ander Nieuws

  • Leren paardrijden: Rijkunstig gevoel
    Leren paardrijden: Rijkunstig gevoel
  • Leren paardrijden: Achterwaarts
    Leren paardrijden: Achterwaarts
  • Leren paardrijden: Gebroken lijn
    Leren paardrijden: Gebroken lijn