­ Leren paardrijden: Het ideale beeld - KNHS

Leren paardrijden: Het ideale beeld

Geplaatst op 22 juli 2019 in Dressuur & Para

Als je al wat langer paardrijdt, werk je niet meer alleen aan je eigen houding en zit, maar ook aan de houding van het paard. Wat is nou de ideale houding van het paard om dressuuroefeningen uit te voeren? Hoe creëer je de juiste houding bij je paard en wat kan je doen als het fout gaat?

De juiste houding van het paard tijdens de training is in de rijkunst een punt van discussie waarbij de volgende uitdrukkingen vaak worden gehanteerd:

  • Voorwaarts neerwaarts rijden
  • Voorwaarts opwaarts rijden
  • Diep rijden
  • Bovenin zetten
  • Laag instellen
  • Hoog instellen

Wat is nu de juiste houding van het paard zonder toevlucht te nemen tot zinloos dwingen?
Het ideale beeld van het goedgaande paard is een paard met een swingende rug, de neus aan de loodlijn en de nek als hoogste punt. De hals is daarbij op lengte en opwaarts gewelfd. Het achterbeen treedt onder, zodat het paard daalt in de achterhand en gewicht overneemt van de voorhand. Daarbij vertoont het paard buiging in het knie- en spronggewricht. Het paard beweegt door het hele lichaam van achter naar voren en in balans en vertoont takt, regelmaat en ruimte. Het veerkrachtig doortredende achterbeen geeft de beweging door over een soepele rug naar een goed uit de schouder weggezet voorbeen. Een elastische verende aanleuning is het gevolg.

Hoe creëer ik de juiste houding bij het paard?
De ideale houding bouw je op met rijkunstige hulpen. Doordat je aandrijft in de takt van de bewegingen van je paard ontstaat een grotere voorwaartse drang. Als ruiter is het belangrijk dat je in balans en stil zit. Vanuit deze correcte houding en zit kun je met een stille en met de paardenmond meeverende hand het paard opvangen. Je geeft activerende hulpen die de impuls door het hele lichaam naar de hand toe laten vloeien en tevens de nek laten veren. Dit heet rijden met juiste ‘druk’ of ‘contact’. Het is belangrijk dat je rekening houdt met de graad van scholing van het paard wanneer je de hulpen geeft. Dan kan je paard de druk namelijk door zijn hele lichaam laten veren en swingen. Dit voel je in je hand. Het paard gaat in balans met afdruk, takt en regelmaat en beweegt zich bergopwaarts in een mooie zelfhouding.

Bedienbare voorkant
Tijdens het voorwaarts rijden vanuit het been maakt de ruiter contact vanuit de hand naar de paardenmond. Dit contact moet aan weerszijden gelijk zijn. Van achter naar voren ontstaat dan een bedienbare verbinding: aanleuning. Als er een bedienbare voorkant is – aanleuning – kan de achterhand meer gemotiveerd en gecontroleerd worden. De bedienbare verbinding aan de voorkant bepaalt de houding van hoofd en hals. Een zeer belangrijke verbinding voor de ruiter, omdat dan ook de halslengte naar wens geregeld kan worden, de houding met de nek als hoogste punt en het hoofd aan de loodlijn of een lagere hoofd- en halshouding. Met een hals op lengte kan de hele bovenlijn van het paard zich opwaarts welven, verlengen en swingen. Door lengte in de bovenlijn krijgen de achterbenen meer ruimte om naar voren te slingeren en tot dragen te komen. De ruiter voelt door de zich opwaarts welvende swingende paardenrug veel zitcomfort.

Fouten
Het te kort worden in de hals met weggedrukte rug is een ernstige fout in de rijkunst. De ruiter zit hierbij ook nog vaak iets voorover, houdt de hand te krampachtig, steekt de onderbenen soms af, houdt de armen en schouders wat stijf. Het paard komt al met al te weinig in balans en loopt niet op eigen benen. De remedie is voorwaarts rijden. Een paard kan ook te kort worden in de hals en daarbij ook te diep gaan. In deze situatie zie je vaak een paard dat wel los is aan de voorkant (zelfs té los), maar hoog in het kruis en traag aan de achterkant. Hij heeft de rug vaak vastgehouden, swingt dus niet. Voor de ruiter is het erg moeilijk om echt verbinding, contact te krijgen met de mond en het hoofd stil aan de loodlijn te krijgen. Het paard draagt zich onvoldoende en is in feite ook niet door de nek. Vooral in galopoefeningen is dit sterk zichtbaar. In de galop blijft zo’n paard vaak hoog in het kruis en springt hij weinig door, wissels worden klein gesprongen.

De oplossing is ook nu weer actief voorwaarts rijden om het paard het bit weer te laten opzoeken. Wanneer een paard niet voldoende snel aan het been is en niet van achteren naar voren in aanleuning wordt gereden valt er niets in te stellen. Juist dan ontaardt ‘hoog of laag instellen’ altijd in het creëren van een houding die alleen met de hand tot stand wordt gebracht en rijtechnisch gezien nutteloos is. Een paard met de juiste druk/contact kan op elk moment naar meer lengte in de hals gereden worden vanwege die bedienbare voorkant die aanleuning heet.

Als het fout gaat
Het is fout wanneer het paard te sterk wordt en verstijft, tegen de teugel komt, onrustig wordt in het hoofd of het bit loslaat. Dan is er geen druk of contact, maar spanning! Er is dan ergens kortsluiting ontstaan bij de aanvraag van de drijvende hulpen ten opzichte van aanhoudende/opvangende hulpen. Bij spanning drukt een paard de rug weg, beweegt hij het achterbeen naar achteren in plaats van naar voren of trekt hij de hakken op. Het paard houdt het kruis hoog of drukt zijn onderhals eruit. Hij kan ook tegen het bit komen, kort in de bewegingen worden, of zelfs onregelmatig. Het verschil tussen het ontstaan van de juiste druk en contact óf spanning, is de dosering van de hulpen. Het komt dus op het ruitergevoel aan bij het doseren van activeren en opvangen.

Heb je nog vragen over het ideale beeld of loop je tegen problemen aan? Vraag je instructeur om je te helpen.

Eerder verschenen in deze reeks Leren paardrijden:

Op- en afstijgen
Beugels op maat maken
De Zit
De stap
De draf
De galop   
De Hulpen
Gewichtshulp
Beenhulpen
Teugelhulpen
Rijkunstig gevoel
Regels in de rijbaan
Het correct rijden van wendingen
Sturen
Buiging en stelling
Halsstrekken   
Ontspanningsoefeningen
Activiteit en impuls
Tempowisselingen       
Overgangen rijden       
De Middendraf
Doorzitten
Voltes rijden
Slangenvolte rijden
Halthouden en groeten
Aanleuning en nageeflijkheid
Wijken voor het been  
Hoofd- Halshouding     
Rechtrichten
Het evenwicht van het paard
Achterwaarts
Schoudervoor
De verzameling
Gymnastiseren en Trainingsresultaat

Meer weten?
In het boek 'Leer Paardrijden met Plezier', dat onderdeel is van de KNHS Ruiteropleiding Brons, vertellen we je alles over leren paardrijden. De KNHS Ruiteropleiding bestaat uit drie fasen (brons, zilver en goud) en leidt op van eerste paardrijles tot en met het hoogst haalbare niveau. De ruiteropleiding wordt aangeboden op FNRS-maneges. De dichtstbijzijnde manege bij jou in de buurt vind je hier. Heb je een eigen paard vraag dan je instructeur om je te helpen de theorie om te zetten in de praktijk. 

Meer informatie KNHS Ruiteropleiding.

Overname tekst- en beeldmateriaal niet toegestaan

Categorie: Leren paardrijden

Ander Nieuws

  • Data en reglement KNHS Indoorkampioenschappen 2021
    Data en reglement KNHS Indoorkampioenschappen 2021
  • Leren Paardrijden: Omstandigheden die afstanden in het parcours kunnen beïnvloeden
    Leren Paardrijden: Omstandigheden die afstanden in het parcours kunnen beïnvloeden
  • Aandachtspunten voor wedstrijdorganisaties ten tijde van Corona
    Aandachtspunten voor wedstrijdorganisaties ten tijde van Corona