­ Drie generaties juryleden vertellen - KNHS

Drie generaties juryleden vertellen

Geplaatst op 14 april 2020

Drie juryleden, elk op een ander punt in hun jureercarrière, praten met elkaar over het plezier in jureren, de menselijke maat in de regels, het voorkomen van de schijn van partijdigheid en positiviteit.

  • Romee Driessen (1996) runt met haar vader een sportstal in Heteren. Ze rijdt paarden van basissport tot en met Lichte Tour en maakt in 2020 de overstap naar de U25. Sinds twee jaar  jureert ze met veel plezier B- en L-combinaties.

  • ZZ-Licht-jurylid Antoinette van Dijk (1972) uit Hulshorst ziet paardrijden vooral als hobby, naast haar baan als hoofd Administratie bij een sportschoolketen. Antoinette reed in het verleden Grand Prix en komt met Dizaronna uit in de Lichte Tour.

  • Willemien Blanken (1939) is 58 jaar jurylid, de laatste jaren tot en met Grand Prix-niveau. Ze reed tot en met de Intermédiaire I. De paardensport is een uit de hand gelopen hobby, zegt ze zelf. Thuis in Hasselt fokt de familie Blanken en wordt lesgegeven. Rijden doet Willemien nog dagelijks, 'maar alleen als niemand het ziet.

Grand Prix-jurylid Willemien Blanken zit al 58 jaar in het hokje bij C. Ze verklaart zichzelf weleens voor gek als ze in het weekend vroeg opstaat om haar paarden te verzorgen en daarna op pad gaat om te jureren. ‘Eenmaal aan de gang vind ik het heel leuk om mensen te zien rijden en te zien verbeteren.’ Antoinette van Dijk jureert vanaf 2009 en is bevoegd tot en met het ZZ-Licht. ‘Voordat ik jureerde, had ik het idee dat juryleden strenge mensen waren. Ik heb er vooral veel plezier in om ruiters verder te helpen. Ik zit daar echt niet omdat ik graag lage punten geef.’ Romee Driessen is sinds twee jaar bevoegd om B- en L-combinaties te beoordelen en zij geeft graag iets positiefs mee aan wedstrijdruiters. ‘Het is de kunst om de soms negatieve boodschap positief te verpakken.’

Menselijke maat
Juryleden zitten er voor de ruiters, maar hebben ook regels waar ze zich aan moeten houden om de sport voor mens en dier eerlijk te houden. Is het soms moeilijk om in te grijpen? Willemien Blanken beoordeelde op de kampioenschappen eens een jonge amazone die door haar zenuwen tot drie keer toe verkeerd reed. ‘Ik wist dat er geen finaleplaats voor haar in zat en heb haar gewoon door laten rijden. Had ik haar eruit moeten sturen? Volgens de regels wel, maar ik vond niet dat ik dat kon maken. Ik kreeg daar achteraf wel een opmerking over.’ ‘Op een kleine wedstrijd ben ik altijd voor de menselijke maat,’ vult Antoinette van Dijk aan. ‘Op een kampioenschap moet je je aan de regels houden. Je kunt door iemand niet uit te bellen discussie veroorzaken. Het meisje uit jouw voorbeeld stond op de laatste plek, maar stel dat ze in de prijzen had gezeten? Dan ontstaat een probleem. De regels zijn er niet voor niets, hoe hard het ook kan zijn om ze toe te passen.’ Romee Driessen is van mening dat je met ponyruiters best wel wat toegeeflijker mag zijn. ‘Ik had eens een heel onzeker meisje in de ring en nam de tijd om haar gerust te stellen. Ze reed vervolgens een mooie proef en won dus ook terecht. De volgende dag kreeg ik een e-mail van haar moeder, omdat ze zo blij was met mijn optreden. Het is aan de andere kant een ergernis als ponymoeders in de proef aanwijzingen geven. Moet ik vervolgens een kind van acht de ring uit sturen? Ik roep de moeder bij me en schrijf een opmerking op het protocol. Bij een volwassen ruiter treed ik wel wat harder op.’

Goed rijden wordt beloond
Willemien: ‘Ik heb ooit stage gelopen bij Jaap Pot, een olympisch jurylid. Hij zei altijd tegen me dat het mijn taak is om de ruiters die goed en vriendelijk rijden, bovenaan te zetten. Ik heb er een hekel aan als dressuur ontaardt in kunstjes rijden. Soms komt er een heel lelijk paard binnen. Eenmaal in beweging blijkt dat zo’n paard heel goed wordt gereden en dan wordt zo’n paard als vanzelf mooi. Dat kan ik waarderen.’ Antoinette kan zeker onder de indruk zijn van een mooi paard of een fraaie combinatie. ‘Dat wil niet zeggen dat ik automatisch hogere punten geef, helemaal niet als oefeningen mislukken. Met een fantastisch bewegend paard kun je makkelijker door de oefeningen rijden dan met een mindere beweger. Ik ben het met Willemien eens dat goed rijden beloond moet worden, maar soms bestaat de hele rubriek uit deelnemers die voor vijfjes en zessen rijden.’ ‘Ik ga omhoog in de punten als het plaatje klopt en er netjes wordt gereden,’ beaamt Romee. ‘Veel ruiters willen heel veel en daar wordt het alleen maar minder van. Laat het paard gewoon lopen en probeer onderweg niet te veel te veranderen.’

Objectiviteit
De drie officials zijn het erover eens dat zij naar eer en geweten proberen te jureren. De wetenschap leert ons dat volledige objectiviteit nooit helemaal mogelijk is. De reputatie van een combinatie, persoonlijke voorkeuren of een goede proef uit het verleden bijvoorbeeld kunnen ertoe leiden dat in het geval van twijfel onbewust net een half puntje hoger wordt gegeven. Hoe proberen deze drie juryleden de schijn van partijdigheid te voorkomen? ‘Ik ga natuurlijk altijd voor objectiviteit, maar zoals elk jurylid ben ik een mens, met mijn eigen voorkeuren en gebreken,’ stelt Antoinette. ‘Ik beoordeel wat ik op dat moment zie,’ vult Romee aan. ‘Ongeacht wie in de ring rijdt of wat langs de kant gebeurt. Geeft de aanwezigheid van een bekende trainer druk? Voor mij niet, want ik sta achter de punten die ik geef. Als ik bij elk cijfer twijfel, klopt er iets niet. Ik heb de cursus gevolgd. Ik weet wat ik moet doen en dat doe ik zo goed mogelijk.’ De nationale Subtop is een klein wereldje en het gebeurt weleens dat Willemien een goede kennis in de ring heeft. ‘Ik ben dan op mijn hoede om niet te positief te worden en gelukkig zit ik dan vaak een paar punten lager dan mijn collega’s. Als ze bij mij zouden lessen, zou ik hen niet meer mogen jureren.’

De ultieme 10
De ultieme 10 staat niet vaak op het protocol. Het mooie aan de paardensport is dat het altijd beter kan. De sport ontwikkelt, de ruiters doen meer kennis op, de kwaliteit van de paarden neemt toe. Deze drie juryleden geven gerust die 10, maar merken in de praktijk dat een 9 toch vaker voorkomt. ‘Ik kom er na een 9 wel eens achter dat het toch nog beter kon. Dan geef ik die 10 gerust,’ stelt Blanken. Romee Driessen heeft nog geen 10 gegeven in haar juryloopbaan. ‘Ik vind niet dat we met hoge cijfers moeten gooien, maar bij een goed gereden grote volte waar alles aan klopt, blijf ik niet op een 7 hangen. Het is voor mij belangrijk om mensen iets positiefs mee te geven, zodat ze met een goed gevoel naar huis gaan. Het is leuk om diezelfde combinaties een maand later weer in de ring te zien en vooruitgang te zien.’

Paar puntjes meer
Corruptie en vriendjespolitiek lijken bij jurysporten te horen en ook de dressuursport heeft zo nu en dan de schijn tegen. Het idee leeft dat dit alleen in de topsport voortkomt, maar het blijkt dat dit verschijnsel op alle niveaus voorkomt. Blanken heeft wel eens de vraag gekregen of ze een paar punten meer wilde geven, zodat deze combinatie kon promoveren naar de Lichte Tour. ‘Zoiets moet je nooit aan mij vragen. Dan ben je aan het verkeerde adres. Later bleek dat haar moeder bij het secretariaat dezelfde vraag had gesteld.’ ‘Soms vragen ze me om een paar puntjes meer op te schrijven als er geen winst is gereden. Het antwoord is altijd nee,’ vervolgt Driessen stellig. Willemien: ‘Een kennis maakte eens het grapje dat hij een winstpunt wel een fles whisky waard vond. Gelukkig ging het niet zo goed en kon ik echt geen winstpunt kwijt. ’Deze proef kost je minimaal een krat,’ grapte ik vanaf C. Daarna kwam iemand zich met 100 gulden in zijn borstzak melden bij het juryhokje. Zo voorzichtig moet je dus zijn met de grappen die je maakt. Stel dat hij wel goed had gereden?’

Positief jureren
De protocollen van tegenwoordig bieden veel ruimte om positieve feedback te geven, waarmee de ruiter verder kan. Romee ziet het als haar taak om jongere mensen te motiveren om beter te leren rijden. ‘Ik vind het zelf ook leuk om onderaan het protocol wat positiefs te lezen. De manier waarop wij die feedback brengen, doet al veel.’ ‘Een van de eerste lessen die ik heb geleerd, is dat het protocol niet van de ruiter is, maar van het jurylid. Zeker de betere ruiters hebben al veel meer gevoeld dan ik kan zien. Zij weten echt wel hoe hun rit was,’ zegt Willemien.

Het voordeel van proeven beoordelen is meer inzicht in hoe een proef moet worden gereden. Een jurylid kijkt vaak anders naar proeven en weet waar punten te scoren zijn. Maakt jureren deze drie juryleden betere amazones? ‘Als ik een proef moet jureren die ik niet zo vaak voor ogen krijg, rijd ik die thuis vaak nog even door. Dat doe ik alleen als niemand het ziet,’ lacht Willemien. ‘Ik weet dan waar de moeilijkheden zitten en bij welke onderdelen ik goed op moet letten.’ Antoinette: ‘Een jury die zelf rijdt, kan zich makkelijker inleven in een ruiter. Je weet hoe moeilijk het is en wat er allemaal mis kan gaan. Als je zelf niet rijdt, sta je daar verder vanaf. Dat wil overigens niet zeggen dat diegene een minder goed jurylid is. We weten ook allemaal dat de juryfeedback lang niet altijd klopt met het gevoel. Zeker juryverschillen zijn soms lastig te verklaren. Als ruiter moet je ook in je achterhoofd houden dat we allemaal mensen zijn.’ Romee: ‘Door de cursusavonden ben ik anders naar de proeven gaan kijken. Ik heb door het jureren geleerd dat ik me op de korte zijde bij A kan presenteren aan de jury, dus daar zet ik mijn paard er even extra goed aan. Zeker in de lagere klassen is er zo veel tijd om voor te bereiden. Dat neem ik toch mee in mijn eigen proeven.’

 De drie juryleden bij elkaar. (Deze foto is gemaakt voordat de RIVM-maatregelen van toepassing waren)

Foto: Drie generaties juryleden. Fotograaf: Nikki de Kerf
(Deze foto is gemaakt voordat de RIVM-maatregelen van kracht waren.)

Dit artikel verscheen eerder in Paard&Sport editie 1 2020. Paard&Sport is het officiële ledenmagazine van de KNHS en onderdeel van het lidmaatschap. Kijk hier voor meer informatie over het KNHS-lidmaatschap

©KNHS 2020, overname is niet toegestaan

Ander Nieuws

  • Corona-update: Lichte verruiming maatregelen, buitensporten in groepen van vier toegestaan voor volwassenen vanaf 27 jaar
    Corona-update: Lichte verruiming maatregelen, buitensporten in groepen van vier toegestaan voor volwassenen vanaf 27 jaar
  • Coronavirus en paardensport
    Coronavirus en paardensport
  • Online PaardenPodium Samenwerken met vertrouwen *Video*
    Online PaardenPodium Samenwerken met vertrouwen *Video*