­ Van pet tot veiligheidsnorm - KNHS

Van pet tot veiligheidsnorm

Geplaatst op 23 februari 2021

Van pet naar cap naar veiligheidshelm. De hoofdbedekking in de paardensport groeide in amper vijftig jaar uit van outfitaccessoire naar veiligheidsnorm. We tekenen de historie van onze veiligheidshelm op met de producent van het eerste uur.

‘Op foto’s van voor en na de oorlog dragen acht van de tien mannen een hoofdbedekking. Mijn opa Arend Egbert Jan Horst startte rond de oorlogsjaren met de productie van confectiepetten en -hoeden en uniformpetten voor politie en cavalerie,’ vertelt Bart Horst van HORKA, de eerste producent van paardensporthelmen in Nederland.

‘In de jaren vijftig ontstond vraag naar ruiterpetten. Mensen gingen voor hun plezier rijden in plaats van per se voor de cavalerie of werk op het land. Die petten hadden nog niets te maken met veiligheid. Ze hoorden bij een kostuum of een outfit. Het begon met een hoofddeksel voor dressuur en springen. Op wedstrijden werd dat gedragen, maar op de boerderij of rond het huis reed men zonder.’

 

De petten van na de oorlog hadden nog niets te maken met veiligheid. Ze hoorden bij een kostuum of een outfit.

 

Vraag naar veiligheid

De paardensport groeide en werd gedurende de jaren zestig, zeventig en tachtig steeds toegankelijker voor een breder publiek. Dat maakt de vraag naar veiligheid groter, vergelijkbaar met de introductie van de veiligheidsgordel in auto’s. ‘De eerste caps waren van polyester met een kartonnen klep eraan vastgemaakt. Dan zitten we in de jaren zestig. Dat was nog echt een uniformstuk. Later werd het een volkunststofproduct bekleed met fluweel en andere stoffen.’ Dat werd cap genoemd, naar het Engelse woord voor pet. Europese landen hadden nog allemaal hun eigen eisen, maar later kwam er toch normering voor. De DIN-normering van TÜV was toen al bekend in Europa en wekte vertrouwen bij de consument.

 

Rond 1965 reden ruiters rond met de eerste caps zoals deze, in het bekende fluweel.

 

Eerste echte norm

DIN 33951 was in de jaren tachtig de eerste norm voor ruitercaps in Nederland. Nederland, België en Duitsland voerden die samen. Andere landen, zoals in Groot-Brittannië en Scandinavië, hadden eigen nationale normen. De producenten leverden dan ook voornamelijk op eigen grond. In de jaren negentig formeerde de Europese Unie een commissie die zich bezighield met de normering van sporthelmen. ‘Werkgroep vijf hield zich bezig met de ruitersporthelmen. Hierin zaten artsen, producenten, technische mensen, verzekeraars. De bekende EN1384-norm is daaruit ontstaan. Die heeft lang gegolden, natuurlijk wel met revisies en aanpassingen,’ vertelt Bart. ‘De laatste versie was de EN1384:2016. Dat was een meer Europees aanvaarde norm, omdat men wel inzag dat behoefte was aan uniformiteit en houvast voor de consument. De stootdemping was hierin nieuw, naast de harde schaal die het hoofd beschermt tegen doordringing. De energie die vrijkomt bij een val wordt daardoor afgevoerd en dat verkleint de kans op hersenbeschadiging. Dat betekende een grote helm met een ander uiterlijk. Dat maakte een enorme acceptatie nodig van de consument. Door de tijd heen kon dat uiterlijk weer veranderen door mooie lichtgewicht materialen en een dunnere schaal met dezelfde werking.’

 

'De grote helm met een ander uiterlijk maakte een enorme acceptatie nodig van de consument'

 

Actuele norm

De actuele norm is de VG1 01.040.2014-12. Deze is Europees geïntroduceerd met verschillende aanpassingen op de voorgaande normen. Hierin zijn elementen van andere normeringen opgenomen, zoals PAS015 uit Engeland, die altijd al strenger was, waardoor de veiligheid op een nog hoger niveau is gekomen. ‘Dit zou een tijdelijke norm zijn, maar een vervolg is er nog niet op gekomen,’ licht Bart toe. ‘De norm is erg veelomvattend. Je zoekt met elkaar nieuwe grenzen op, maar de helm moet ook produceerbaar en vermarktbaar zijn. De gemiddelde ruiterhelm moet betaalbaar blijven. Een matrijs voor een helm kost wel 40.000 euro. Je hebt er ongeveer vijf nodig om de maatrange te dekken. Dan zijn in combinatie met de testen en normeringen aanzienlijke investeringen nodig. Als normen heel snel veranderen, kan de industrie dat niet bijbenen. Een goede veilige helm verkopen is beter dan niks kunnen bieden.’ In krap dertig jaar tijd is de helm op een hoog niveau gekomen en ook verplicht gesteld. ‘Veel promotie en ook regulering door verplichting van bonden en manegebedrijven zijn heel goed geweest. In Groot-Brittannië en Scandinavië gold al eerder een helmplicht vanuit de overheid. In Nederland is dit lang overgelaten aan de sector.’

 

 

Anno 2021 zitten we - na de bekende grote 'champignon' uit de jaren negentig - alweer een aantal jaren een stuk gestroomlijnder te paard. Door de tijd heen kon het imposante uiterlijk veranderen door lichtgewichtmaterialen en een dunnere schaal met dezelfde werking.

 

 

High protection

Een moderne paardensporthelm bestaat uit een harde schaal van abs-kunststof, een slagvast materiaal. Daaronder zit een eps-schaal die in allerlei kwaliteiten en dichtheden geproduceerd kan worden afhankelijk van de eisen. ‘In eerste instantie werden die vormen door middel van vacuümvormtechniek onder hitte en druk uit een plaat gedrukt. Tegenwoordig spuit-gieten wij ze met een matrijs of een mal. De klep is bedoeld als zon- en lichtwering en zodanig geconstrueerd dat hij bij een frontaal contact direct breekt.’

De nieuwste ontwikkeling is naast basisprotectie een extra norm voor risicovollere disciplines, een high-protection-helm voor bijvoorbeeld eventing en springen. Daarbij wordt de slaapbescherming meegenomen en de helm loopt dieper door in de nek. De eisen aan stootdemping en doordringing zijn zwaarder. ‘Als die over een paar jaar op de markt komt, zou die weer kunnen uitgroeien tot de algemeen geldende norm. Als de afname toeneemt omdat mensen kiezen voor het beste, kan de beste helm goedkoper worden. We hebben dat al gezien met de EN1384. Die helmen kon je breder wegzetten, waardoor de prijs lager kon blijven. Dat bood meer concurrentie en meer kennis en ervaring. Ook met ongevallen is veel kennis opgedaan. We vragen helmen terug als daar een ongeval mee is geweest. Dat biedt inzicht en kansen. Dat alles is vooruitgang voor het dossier veiligheid.’

 

De nieuwste ontwikkeling is een high-protection-helm voor risicovollere disciplines

 

 

TIPS VOOR DE JUISTE HELM

1 Meet je hoofd ongeveer 2,5 centimeter boven de wenkbrauwen. De gemiddelde hoofdomtrek is 57 centimeter.
2 Controleer of de helm VG1 01.040.2014-12 CE-gecertificeerd en goedgekeurd is.
3 Draag je haar bij het passen zoals tijdens het rijden.
4 Schud het hoofd van schouder naar schouder. Wanneer de veiligheidshelm op dezelfde stand blijft zitten, sluit de breedte goed aan.
5 Beweeg de klep voorzichtig iets naar boven en beneden. Wanneer de huid van het voorhoofd iets meebeweegt, zit de veiligheidshelm stevig.
6 De veiligheidshelm moet aansluiten, maar mag niet drukken of hoofdpijn veroorzaken. Houd hem iets langer op om dit te testen.
7 Alle helmen moeten voldoen aan dezelfde norm. Prijs zegt niets over veiligheid.
8 Berg een helm netjes op en vervang hem na vijf tot zeven jaar.

 

Beeld HORKA

 

Dit artikel verscheen eerder in Paard&Sport najaar 2020. Paard&Sport is het officiële ledenmagazine van de KNHS voor alle leden vanaf 13 jaar en onderdeel van het KNHS-lidmaatschap. Meer informatie vind je hier.

 

©KNHS 2021, overname is niet toegestaan

 

Ander Nieuws

  • Advies voor paarden vanuit Valencia, de Sunshine Tour of elders op weg naar Nederland
    Advies voor paarden vanuit Valencia, de Sunshine Tour of elders op weg naar Nederland
  • CAI3* Kronenberg verplaatst naar mei en voegt 2* toe
    CAI3* Kronenberg verplaatst naar mei en voegt 2* toe
  • KNHS en FNRS volgen advies Sectorraad Paarden naar aanleiding van uitbraak Rhinopneumonie in Valencia
    KNHS en FNRS volgen advies Sectorraad Paarden naar aanleiding van uitbraak Rhinopneumonie in Valencia