Hoe gelukkig is je paard?
We blikken terug op een waardevol artikel uit het archief van Paard&Sport, editie 3 (2025). In dit artikel van afgelopen oktober wordt ingegaan op de nieuwste wetenschappelijke inzichten over het mentale welzijn van het paard. Aanleiding hiervoor was de toen recent verschenen nieuwste editie van de Gids voor Goede Praktijken van de Sectorraad Paarden, waarin uitgebreid aandacht wordt besteed aan het herkennen van een positieve mentale staat aan de hand van gedragsindicatoren. Een centrale vraag relevant is: waaraan zie je of je paard zich werkelijk goed voelt?
Wetenschappers hebben moeite met de term ‘gelukkig zijn’ voor een paard. “Klopt”, zegt Dr. Machteld van Dierendonck. “Het is een antropomorfe uitdrukking, te vermenselijkt. We weten nog niet altijd goed hoe paarden iets ervaren. Door het zo uit te drukken, krijg je snel dat we onze gevoelens op hen projecteren. We werken al een paar jaar aan manieren om dit welbevinden, want daar praten we eigenlijk over, te definiëren en meetbaar te maken, maar we zijn er nog niet.”
In de nieuwe gids staat een lijstje samengesteld, op advies van Van Dierendonck, waarmee een positief welbevinden kan worden herkend. Ze benadrukt dat er een flinke slag om de arm moet worden gehouden. “Er wordt momenteel op grote schaal wetenschappelijk onderzoek naar gedaan, maar er moeten nog veel details worden uitgezocht. Vooral manieren om betrouwbaar aan te tonen hoe het staat met dat welbevinden zijn best lastig te bepalen. En dan moet het ook nog een meetmethode zijn waarmee de paardenhouders zelf uit de voeten kunnen in de dagelijkse praktijk.”
‘We weten nog niet altijd goed hoe paarden iets ervaren’
Context
Er zijn uiteraard signalen waaruit je kunt afleiden wat de mentale toestand van een paard is. “Maar context is ontzettend belangrijk. Je kunt bepaald gedrag zien of fysiologische zaken meten. Verschillen in persoonlijkheden en individuele voorkeuren per paard spelen echter ook een rol. En ik ben ervan overtuigd dat de individuele geschiedenis van een paard van doorslaggevende invloed is. Als je dat allemaal wilt meewegen, valt het niet mee om tot één handzame meetmethode te komen. Een voorbeeld? Grazen in een wei in een groep is voor veel paarden een ideale situatie. Als ze daardoor te dik worden, is dat nadelig voor hun gezondheid. Dan kun je een graasmasker gebruiken. Maar wordt het dragen daarvan op een verkeerde manier aangeleerd, wat helaas vaak gebeurt, dan creëert dit juist frustratie en draait een paard bijvoorbeeld zijn kont toe als je ermee komt aanlopen. Of hij probeert het af te krijgen. Wen je ze correct, dan is het een voorbode voor naar de wei gaan, dus iets fijns en komen ze naar je toe. Dat zijn twee tegenovergestelde reacties. Maar staat een paard de hele dag op stal, dan is hij waarschijnlijk zó blij dat hij eruit mag, dat hij zeker op je afkomt. Dus context, situatie en individuele geschiedenis doen er allemaal toe als je individueel welbevinden wilt vaststellen.”
‘Elkaar groomen is een goede indicator voor sociaal positieve relaties’
Interpretatie
Het is moeilijk om bij het beschrijven van dat welbevinden niet in menselijke gevoelens te belanden, beseft Van Dierendonck. Het risico daarvan is de verkeerde interpretatie. “De meeste paarden vinden het alleen in een paddock of wei staan maar matig. Er is wetenschappelijk bewezen hoe belangrijk sociaal contact voor ze is. Maar ook hier speelt context mee. Staan ze alleen in een paddock met ernaast paarden die ze niet aardig vinden, dat vinden ze dat minder fijn. Daaruit zou de verkeerde conclusie kunnen worden getrokken dat dat paard liever binnen staat. Hoe vaak hoor je niet ‘ja maar die van mij…’ en dan een uitleg waarom een paard niet of maar kort naar buiten mag of niet samen met anderen kan staan. Dat gaat regelmatig uit van wat iemand denkt te weten wat het paard ‘denkt’. Het gaat niet uit van het paard zelf. Het gevaar van wijzen op context of situatie is dat mensen het als excuus gebruiken. Ik kan niet vaak genoeg zeggen: probéér het eerst. Laat je paard eens een paar nachten buiten met andere paarden. Daar moeten ze even aan wennen, dus concludeer niet meteen dat het niets is.”
Bied keuzes
Wat wenselijke situaties voor een paard zijn, is inmiddels wel redelijk aangetoond. Op het gebied van die context is nog werk te verrichten. Wat als een paal boven water staat, is dat het hebben van keuzes belangrijk is. Van Dierendonck: “Als een paard zelf iets kan kiezen, bijvoorbeeld in de zon of in de schaduw staan, hooi of takken eten, dan versterk je een positieve mindset. Kan hij geen enkele invloed uitoefenen op een ongemak, dan keert hij in zichzelf en kan er learned helplessness optreden. Een fenomeen dat we helaas in de paardensport tegenkomen, bijvoorbeeld door onduidelijkheid in het geven van hulpen of doordat iemand inconsequent is en de ene keer iets goed vindt waar het paard de andere keer juist voor wordt gestraft. Mijn motto is niet voor niks: Denk niet voor een paard, maar als een paard.”
Lees het hele artikel hier
In dit artikel van Paard&Sport lees je meer over het optimaliseren van situaties, vier aandachtspunten en vertellen springamazone Biance Schoenmakers en TeamNL amazone Dinja van Liere over hun kijk op dit onderwerp.