Algemeen wedstrijdreglement

In het Algemeen Wedstrijdreglement staan de algemene bepalingen opgenomen die voor alle wedstrijdsporters gelden. In de disciplinereglementen worden de regels per discipline verder uitgewerkt.

Als KNHS vinden wij het belangrijk dat het welzijn van het paard altijd voorop staat. In het Algemeen Wedstrijdreglement is daarom de Gedragscode Welzijn van het Paard opgenomen (in bijlage 3) en staan in de wedstrijdreglementen allerlei voorwaarden die het welzijn van het paard beschermen, zoals de minimale leeftijd per discipline en niveau. Ook kunnen paarden en pony's op alle wedstrijden van de worden gecontroleerd op ongeoorloofde middelen (doping) en zien we er zo goed mogelijk op toe dat paarden correct behandeld worden.

Het Algemeen Wedstrijdreglement moet altijd in samenhang worden gelezen en toegepast met het betreffende disciplinereglement. Wanneer de reglementaire bepalingen geen uitkomst bieden, moet worden gehandeld in de geest van de sport, waarbij fairplay en het welzijn van mens en dier altijd voorop moeten staan. 

Toelichting op de wijzigingen in het algemeen wedstrijdreglement per 1 april 2019:

Samenvatting
Voor 2019 is er een aantal wijzigingen doorgevoerd. Na 1 april 2019 is het mogelijk om in het outdoorseizoen ook indoorwedstrijden te organiseren. Het gehele hoofdstuk over reclame-uitingen en sponsorvermeldingen is komen te vervallen en in het kader van dierenwelzijn, en in navolging van de FEI, wordt het gebruik van de neusriem nader omschreven. Er moet minimaal 1,5 cm ruimte zijn tussen de neusriem en het neusbot (gemeten aan de bovenzijde midden op de neus). Voor wedstrijdorganisaties geldt dat deze uitslagenlijsten, ondertekend door de (voorzitter van de) jury, een jaar lang moeten bewaren en dat deze niet meer naar de KNHS gezonden hoeven te worden.

Achtergrond van de wijziging van artikel 3 lid 2
De discussie over het mogen organiseren van indoorwedstrijden in het buitenseizoen is al jaren geleden begonnen. We merken dat de behoefte om in de zomer binnen te mogen rijden bij onze leden groter is geworden.
We hebben immers in Nederland prachtige indooraccommodaties en met het onvoorspelbare weer is deze openstelling een oplossing bij extreem nat of extreem heet weer. Overigens bepaalt de regio nog steeds hoe er wordt geselecteerd voor de in- en outdoor-kampioenschappen en wijst dus ook de selectiewedstrijden aan. Is het regiobestuur van mening dat de selectie alleen op outdoorwedstrijden kan plaatsvinden dan is de regio hier vrij in om dit te bepalen.

Achtergrond van de wijziging van artikel 9 lid 3
De oorsprong van de regel om getekende uitslagenlijsten op te sturen naar de KNHS komt uit de periode dat er nog geen digitale verwerking van de uitslagen mogelijk was en we de overgang maakten tussen het insturen van coupons en de digitale uitslagverwerking. Het bewaren van ondertekende uitslagenlijsten had/ heeft tot doel om e.e.a. na te kunnen kijken wanneer iets niet klopt in de uitslag.
Door het niet meer hoeven inscannen, kopiëren en daarna al dan niet digitaal insturen van de getekende uitslagenlijsten worden de wedstrijdorganisaties minder belast.

Achtergrond van de wijziging van artikel 9 lid 5
De passage dat op een eventingwedstrijd een arts aanwezig moet zijn is uit het Algemeen Wedstrijdreglement geschrapt. In het Wedstrijdreglement eventing is nu de minimale medische zorg vastgelegd. Je treft dit aan bij de reglementswijzigingen eventing.

Achtergrond van de wijziging van artikel 26 lid 7a
In het kader van deregulering hebben alle sportfora geadviseerd om de kleur van het neus- en oornetje vrij te laten. Het paardenwelzijn en de veiligheid is immers niet in het geding bij het vrijgeven.

Achtergrond van de wijziging van artikel 36 en 37
In navolging van veel andere landen is voorgesteld om voor onze nationale sport de regels v.w.b. reclame-uitingen en sponsorvermeldingen op kleding en harnachement vrij te geven. In de praktijk vind controle hierop al nauwelijks plaats en handhaven is dus een zeer moeilijke zaak.

Achtergrond van de wijziging van artikel 46
Uit onderzoek is gebleken dat paarden die een te strakke neusriem dragen bijvoorbeeld stress kunnen krijgen, gevoeliger zijn voor de druk van het bit en een slechtere doorbloeding hebben. Paardenwelzijn komt hiermee in het gedrang. Om die reden wordt aangegeven dat als minimale standaard 1,5cm aangehouden moet worden tussen neusriem en neusbot. Het gaat erom dat het paard de vrijheid moet behouden om te kunnen kauwen, gapen en te slikken met de neusriem om en ook zijn onderkaak kan ontspannen. Kan hij dat niet, dan is de riem te strak. Voor een uitleg over het correct bevestigen van de neusriem naar het voorlichtingsfilmpje hierover:

Kan je deze content niet goed zien? Dan heb je waarschijnlijk voor een aantal cookies geen toestemming gegeven. Accepteer de marketing cookies om de content wel te zien. 

Lees meer over cookies

 

Controle tijdens wedstrijden
Met extra aandacht voor dit onderwerp bij de wedstrijdruiters zet de KNHS in op meer bewustwording. Iedere combinatie die start op wedstrijden wordt immers niet standaard gecontroleerd door een toezichthouder of jurylid. Dat willen we niet en dat is ook te kostbaar. We hebben immers niet zoals op de FEI-wedstrijden stewards die de controle op zich nemen. Een visuele controle door het jurylid en/ of toezichthouder vindt natuurlijk wel altijd plaats. Bij het vermoeden van een te strakke neusriem zal het jurylid of de toezichthouder dit controleren net zoals een jurylid dit nu ook al doet.

Blijkt de neusriem overduidelijk te zijn aangesnoerd (geen ruimte tussen neusriem en neusbot) dan valt dit onder wreedheid en moet gehandeld worden volgens artikel 46 (Wreedheid / overbodig en publieksonvriendelijk gedrag) van het Algemeen Wedstrijdreglement en volgt diskwalificatie. Hierbij maakt het niet uit of dit wordt geconstateerd op het losrijterrein of in de wedstrijdring. Het maakt hierbij ook geen verschil of de proef / het parcours al gereden is of nog gereden moet worden.

Wanneer bij controle voor aanvang van de proef / het parcours blijkt dat er wel ruimte is tussen neusriem en neusbot maar niet voldoende, dan gaat de official met de betreffende deelnemer in gesprek. De neusriem zal volgens de richtlijnen vastgemaakt moeten worden en de deelnemer kan starten in de proef / het parcours.

Wanneer het jurylid tijdens de dressuurproef ziet dat de neusriem niet correct is vastgemaakt dan handelt het jurylid volgens artikel 128 lid 4 van het Wedstrijdreglement dressuur. Dit betekent dat indien een deelnemer niet met het voorgeschreven harnachement de ring betreedt, dit onmiddellijk hersteld moet worden. De jury dient deze onregelmatigheid te beoordelen als een vergissing in de proef en de proef moet opnieuw begonnen worden in het voorgeschreven harnachement. Als de deelnemer het harnachement niet kan corrigeren, mag de jury het opnieuw beginnen van de proef niet toestaan en volgt uitsluiting. Ook hier geldt bij een overduidelijk aangesnoerde neusriem zoals hierboven omschreven, dat gehandeld wordt volgens artikel 46 van het Algemeen Wedstrijdreglement.

Toezichthouders
Vanaf 1 april 2019 worden er per regio opnieuw toezichthouders op het voorterrein dressuur aangesteld. Dit zoals ook in 2018 het geval was. Tegelijkertijd is een groep studenten van Hogeschool Van Hall Larenstein bezig met een onderzoek naar het gebruik van neusriemen op wedstrijden. Vanuit de KNHS hebben we voor dit onderzoek meetinstrumenten beschikbaar, waarmee een aantal controles in samenwerking tussen studenten en toezichthouders steekproefsgewijs uitgevoerd zullen worden.

Categorie: reglement, wedstrijdreglement

Downloads:

Ander Nieuws

  • DOE DE TEST! Hoe heurt het ook alweer?
    DOE DE TEST! Hoe heurt het ook alweer?
  • Hippiade 2019: Kampioenschapsreglement springen en dressuur staat online!
    Hippiade 2019: Kampioenschapsreglement springen en dressuur staat online!
  • Reglementswijzigingen mennen per 1 april 2019
    Reglementswijzigingen mennen per 1 april 2019